Tag Archief van: verliesbegeleiding

Iemand verliezen waar je veel van houdt, heeft impact op elk onderdeel van je leven. Wanneer je na het overlijden van een dierbare weer aan het werk gaat, neem je het verdriet en de rouw met je mee. Een pittige uitdaging voor degene die rouwt, maar ook voor collega’s en werkgevers lang niet altijd gemakkelijk. […]

Een van de meest uitdagende aspecten van het ouderschap is het omgaan met de moeilijke vragen die kinderen stellen. Een vraag die vaak naar voren komt en die ons als ouders soms met een brok in de keel achterlaat, is: “Doet doodgaan pijn?” Het beantwoorden van deze vraag kan een emotionele achtbaan zijn, maar het is belangrijk om eerlijk en begripvol te zijn terwijl we onze kinderen helpen een beter begrip van de dood te ontwikkelen.

Wees eerlijk, maar eenvoudig

Kinderen hebben recht op eerlijke antwoorden, maar ze hebben ook behoefte aan informatie die past bij hun leeftijd en begripsniveau. Gebruik eenvoudige bewoordingen en vermijd te veel details die ze mogelijk niet kunnen begrijpen.

Wat is pijn?

Voordat we de vraag beantwoorden, is het nuttig om het concept van pijn uit te leggen aan onze kinderen. We kunnen voorbeelden gebruiken van kleine pijntjes die ze hebben ervaren, zoals het stoten van hun teen of het hebben van een kiespijn. Leg uit dat wanneer mensen doodgaan, hun lichaam stopt met werken. Hierdoor voelen ze geen pijn meer. Leg uit dat als iemand ziek of gewond is voordat ze sterven, ze misschien wel pijn hebben gehad voordat ze overleden zijn, maar dat ze zich nu niet meer ongemakkelijk voelen.

Alle emoties mogen er zijn

Herinner je kind eraan dat het normaal is om verdrietig te zijn als we afscheid moeten nemen van iemand van wie we houden. Moedig hen aan om hun gevoelens te uiten en laat hen weten dat ze altijd met jou kunnen praten als ze vragen hebben of zich verdrietig voelen. Ook jij als ouder mag emoties laten zien. Zo leer je je kinderen dat ze deze niet weg hoeven te stoppen. Als je daarbij ook kunt laten zien of benoemen hoe jij jezelf weer reguleert en kalmeert, kunnen ze daar ook weer van leren.

Geef je kinderen, na het beantwoorden van de vraag, tijd en ruimte om meer vragen te stellen als ze die hebben. Het kan zijn dat ze later nog vragen hebben naarmate ze meer over het onderwerp nadenken, dus wees geduldig en begripvol.

Vind de weg in het land van rouw

Het beantwoorden van vragen over de dood kan voor ons als ouders net zo moeilijk zijn als voor onze kinderen om ze te stellen. Maar door eerlijkheid, begrip en openheid te tonen, kunnen we onze kinderen helpen deze moeilijke concepten te begrijpen en hen troost bieden in tijden van verdriet. Is rouw een heel actueel onderwerp in jullie gezin en kom je er samen even niet uit? Dan is het ook helemaal ok om hulp te vragen. Dat kan in je sociale netwerk zijn of bij een professional. Als rouw- en verliesbegeleider loop ik graag een tijdje met jullie mee om de weg te vinden in het land van rouw. Heb je daar behoefte aan? Neem dan vrijblijvend contact op om te kijken wat ik voor jullie kan betekenen.

Soms gebeuren er dingen in het leven die ons diep raken, zoals het verlies van een kind, ouder of partner. En als dat verdriet ons overspoelt, voelt het soms alsof we de grip op de realiteit verliezen. Maar weet je, het is helemaal oké om je zo te voelen. Rouwen is eigenlijk een heel normale reactie als we iemand missen die voor ons heel belangrijk is.

Chaos aan emoties

Als je een dierbare verliest, komt er een chaos aan emoties op je af. Het verdriet van hun afwezigheid, de leegte die ze achterlaten, en soms zelfs het gevoel dat je de controle verliest over alles. En dan kun je jezelf afvragen: “Ben ik gek aan het worden?” Het antwoord is nee. Het is niet raar om verdrietig, energieloos, vermoeid of boos te zijn na het verlies van iemand van wie je houdt. Het laat juist zien hoeveel je om die persoon geeft.

Rouw volgt geen vast patroon

Belangrijk is dat je jezelf toestaat om te voelen wat je voelt en dit niet veroordeelt. Rouwen volgt geen vast patroon; het gaat door ups en downs, gevuld met verdriet, boosheid en uiteindelijk acceptatie van het rouwproces. En dat is helemaal normaal. Het is als een persoonlijke reis die je op jouw manier mag doorlopen.

Je bent niet alleen

Het is ook goed om te weten dat je niet alleen bent. Het is prima om je gevoelens te delen met vrienden, familie of iemand anders die je vertrouwt. Soms kan praten echt opluchten en je het gevoel geven dat je er niet alleen voor staat.

Als rouw- en verliesbegeleider begrijp ik dat het moeilijk kan zijn. Maar onthoud, je hoeft jezelf niet te veroordelen. Het is oké om verdrietig te zijn, en het is oké om hulp te zoeken als je het nodig hebt. Doe vooral waar jij behoefte aan hebt en niet per se wat de omgeving van je verwacht.

Dus als je je afvraagt of je gek wordt door het verlies van iemand die je dierbaar is, onthoud dan dat het normaal is om te rouwen. Het is een teken van liefde en menselijkheid. Geef jezelf de ruimte om te voelen en te helen op jouw eigen manier, zonder je zorgen te maken over wat anderen zeggen. Je bent niet alleen, en het is helemaal oké om je verdriet te ervaren op jouw unieke manier.

We kunnen ons allemaal voorstellen dat rouw en verlies een grote impact op je leven kunnen hebben. Toch schakelen we vaak pas hulp in ná een overlijden. In de chaos van het rouwproces kan een rouw- en verliesbegeleider je helpen om het overzicht te houden en aan de slag te gaan met je emoties. Maar wist je dat je daar ook al vóór het overlijden mee aan de slag kan. Bij ziekte in het gezin is professionele verliesbegeleiding enorm waardevol voor kinderen en volwassenen.

Waarom is verliesbegeleiding zo waardevol

Iedere situatie is uniek. Hierdoor is ook het zwaartepunt van de verliesbegeleiding voor ieder gezin anders. Toch zit er voor iedereen die te maken gaat krijgen met verlies waarde in verliesbegeleiding:

Aan de slag met je gevoelens

Het is oké om te praten over hoe je je voelt. Als iemand gaat overlijden, is het fijn om te kunnen praten over angst, verdriet en alle andere emoties. Daarbij is het ook belangrijk om te leren voelen in je lijf. Dáár worden de sporen opgeslagen van het verlies, de gebeurtenis en de rouw. 

Herinneringen maken

Het is waardevol om tijd door te brengen met degene die er binnenkort niet meer zal zijn. Samen dingen doen en herinneringen maken kan helpen.

Dingen regelen

Het is goed om vooraf te praten over wat iemand graag zou willen voor of na hun overlijden. Dat kan geruststellend zijn voor iedereen.

Steun voor familie

Iedereen in de familie kan steun gebruiken. Praten, luisteren en samen zijn kan helpen om elkaar te steunen.

Bereid Je Voor op Verdriet

Het kan helpen om alvast te begrijpen dat het verdriet na een verlies normaal is. Het kan je voorbereiden op wat komen gaat.

Verliesbegeleiding voor jouw gezin

Als rouw- en verliesbegeleider kom ik zowel vóór als na de dood in gezinnen om ondersteuning te bieden aan kinderen en volwassenen. Verliesbegeleiding vóór de dood helpt bij het afscheid nemen en biedt ruimte voor iedereen om met dit moeilijke deel van het leven om te gaan. Ben je benieuwd of ik iets voor jouw gezin kan betekenen? Neem dan gerust contact met mij op. Je moet het wel zelf doen, maar niet alleen.

Er kunnen allerlei redenen zijn waarom je een rouw- en verliesbegeleider hebt ingeschakeld. Het liep niet lekker in het gezin door een verlies, er is een dierbare komen te overlijden en je wist niet goed hoe daarmee om te gaan of er is sprake van langdurige ziekte. Extra hulp inschakelen is dan heel verstandig en vaak zeer helpend. Maar een traject met een rouw- en verliesbegeleider is slechts tijdelijk en erop gericht het na verloop van tijd weer zelf te kunnen. Hoe gaat het verder na de therapie?

Overlevingsstrategieën

Wanneer er iets heftigs gebeurt zoals de ziekte of het overlijden van een dierbare, hebben we als volwassenen allerlei overlevingsstrategieën die we kunnen inzetten. We storten ons op het werk, het huishouden, de kinderen – allemaal manieren om even niet geconfronteerd te hoeven worden met ons gevoel. Kinderen kunnen deze strategieën kopiëren, zodoende weerspiegelen ze vaak feilloos de onderliggende gevoelens die de ouder(s) probeert te onderdrukken. Om een traject bij de rouw- en verliesbegeleider succesvol af te ronden, dient de begeleiding op het hele gezinssysteem gericht te zijn, en is dus de betrokkenheid van het volledige gezin noodzakelijk.

Visueel inzichtelijk

Een traject wordt vaak opgestart vanuit de hulpvraag gericht op het kind. Als rouw- en verliesbegeleider bied ik ook een onafhankelijke en veilige plek om de gevoelens te uiten. Het kind hoeft dan niet last te hebben van een loyaliteitsconflict: ze willen vaak niet zeggen dat het bijvoorbeeld lastig is dat mama verdrietig is, want dan wordt mama nóg verdrietiger. Maar dit soort gevoelens spiegel ik ook terug naar de ouders, omdat deze wisselwerking erg belangrijk is. Hierbij gebruik ik graag POPtalk om visueel inzichtelijk te maken wat het kind voelt en ervaart vanuit zijn of haar belevingswereld. Veel ouders ervaren dat als erg verhelderend.

Samen stilstaan

Door te ontwarren welke factoren bij het kind spelen en welke factoren bij de ouders, helpt dat handvatten te ontwikkelen voor na de therapie. Maar ook adviseer ik ouders weer dingen als gezin te gaan doen. Het leven raast maar door, maar probeer eens vaker met elkaar stil te staan. Door momenten te hebben voor leuke activiteiten en momenten samen, ontstaat er ook ruimte om met elkaar bij een verlies of gevoel stil te staan en het te benoemen. Dat hoeft niet altijd lang te duren, maar door geregeld de tijd hiervoor te nemen leert het kind dat er mogelijkheden zijn voor gevoelens en toenadering tot elkaar.

Stapsgewijs afbouwen

Aan de hand van de therapie en dit soort adviezen, verbetert het gedrag van het kind vaak geleidelijk. Dan bouw ik de therapie stapsgewijs af. In het begin kom ik wekelijks of tweewekelijks, afhankelijk van hoeveel het kind aankan. Vervolgens komt daar steeds meer tijd tussen te zitten. De momenten dat ik er ben, gebruiken we dan ook als reflectie- en evaluatiemomenten. We bespreken moeilijke momenten, herhalen wat we eerder bespraken en mijn rol verdwijnt steeds meer naar de achtergrond. De ouders pakken het gemakkelijker zelf op en snappen na een gesprek steeds sneller wat er is gebeurd.

Geen vast stramien

Een traject volgt nooit een vast stramien en het natraject dus ook niet. Dat is ook logisch. Iedere situatie is weer nieuw en anders dan bij andere gezinnen. In sommige gevallen loop ik wel twee jaar mee. Kinderen rouwen immers in stukjes, daardoor duurt het soms wat langer. Het kind is per slot van rekening ook druk aan het ontwikkelen. Ontwikkelen en rouwen gaat maar moeilijk tegelijk en dat is heel normaal. Samen zoeken we naar een manier waarop het gezin weer wat meer in evenwicht komt en jullie het weer samen kunnen oppakken.

Als kinderverpleegkundige heb je veel te maken met verdriet, angst en allerlei andere emoties die spelen binnen een gezin rondom rouw- en verlies. Toch is de verbinding met psychosociale begeleiding op dit gebied vaak verre van optimaal. Sabina Krijger, zelf werkzaam als rouw- en verliesbegeleider én kinderverpleegkundige, heeft daarom een onderwijsmodule geschreven die kinderverpleegkundigen leert om deze begeleiding te integreren in het vakgebied.

Palliatieve kinderverpleegkunde

Sabina vertelt: ‘Ik heb de onderwijsmodule geschreven omdat ik merk dat palliatieve kinderverpleegkunde en rouw- en verliesbegeleiding of psychosociale begeleiding twee werelden zijn, die de verbinding met elkaar missen. Het is namelijk veel meer dan het stukje zorg dat mensen ontvangen in hun laatste levensfase. De begeleiding moet beginnen op het moment dat kinderen te horen hebben gekregen dat zij een levensverkortende ziekte hebben. Met de module hoop ik de twee werelden dichter bij elkaar te brengen. Ik denk dat dit een ontzettend belangrijke stap is binnen de kinderverpleegkunde.’

Psychosociale begeleiding

‘De gezondheidszorg blijft zich constant ontwikkelen. Dit heeft als gevolg dat kinderen met complexe aandoeningen steeds langer blijven leven. Een belangrijke, mooie ontwikkeling, maar dit betekent ook dat de vraag naar psychosociale, familiegerichte begeleiding steeds groter wordt. Helaas zien we echter dat de kennis op dit gebied vaak beperkt blijft en dat moet veranderen. Psychosociale begeleiding kan namelijk de kwaliteit van zorg voor ouders én kinderen vergroten.’

Familiegericht (na)zorgaanbod

Om psychosociale begeleiding te integreren in de kinderverpleegkundige zorg, is meer kennis over rouw en verlies en traumasensitief werken en kijken vereist. Ook professionele nabijheid en de ontwikkeling van familiegericht (na)zorgaanbod moet verbeterd worden. De module ‘Psychosociale Familie(na)zorg’ brengt de twee werelden van verpleegkundige zorg en psychosociale begeleiding bij elkaar. Hierdoor kan de familiegerichte zorg geïntegreerd worden in het huidige zorgaanbod. 

 

Onderwijsmodule

‘De module bestaat uit 10 theorie- en expertisedagen en duurt in totaal 7 maanden. De module is vanaf nu beschikbaar en speciaal geschreven voor kinderverpleegkundigen. Als kinderverpleegkundige sta je namelijk, zeker in de thuissituatie, vaak erg dichtbij het gezin. Deze vertrouwensrelatie kan effectief worden ingezet om psychosociale begeleiding te bieden. Het is ontzettend zonde om deze band niet op die manier te benutten.’

Schrijf je nu in via https://lnkd.in/ejxs3sd

Geregeld vragen mensen mij wat ik doe om alle heftige, impactvolle verhalen en situaties, die ik via mijn werk als rouw- en verliesbegeleider en palliatief kinderverpleegkundige, te verwerken. Mensen vragen zich af of ik eraan wen en het los kan laten. Hierover kan ik kort zijn: mijn werk went nooit.

Impact

Het feit dat ik zie dat mijn werk zin heeft en dat kinderen en hun ouders een stapje verder komen met mijn begeleiding, doet me heel erg goed. Toch hebben álle ervaringen die ik opdoe in de praktijk hebben ook impact op mij. In mijn vrije tijd schrijf ik daarom gedichtjes en korte tekstjes. Dit helpt mij bij het verwerken van alles wat ik iedere dag tegenkom.

Sterk – Sabina Krijger

Sterk zijn betekent voelen

Sterk zijn betekent meer dan brute kracht

Sterk zijn is toegeven dat het soms niet lukt

Vallen en weer opstaan uit alle macht

Je bent niet alleen

Sterk zijn ben je samen

Dat geldt voor iedereen

De dag loslaten

Het van mij afschrijven helpt me om de dag ‘los’ te laten. Ook krijg ik vaak tijdens het schrijven weer nieuwe inzichten voor de volgende afspraak. Op die manier is schrijven voor mij erg therapeutisch en behulpzaam. Ik kan er mijn eigen gevoelens in kwijt én stel mezelf in de gelegenheid om op een andere manier naar de situatie te kijken. Dit neem ik dan mee tijdens een volgend gesprek. Verder zie ik het als mijn doel om de wereld van palliatieve zorg en psychosociale begeleiding dichter bij elkaar te blijven. Dit doe ik onder andere door voorlichting te geven, maar ook schrijf ik mijn eigen onderwijsmodule voor kinderverpleegkundigen over dit onderwerp. In mijn tekst ‘Palliatieve zorg’ heb ik mijn gevoelens hierover beschreven.

Palliatieve zorg – Sabina Krijger

Ga naast de mensen staan
Sta soms stil en geniet van wat je ziet.
Hard werken dat kunnen we wel, je vecht
Tijd en ruimte ontbreekt ons soms echt.
En je wacht; maar het leven raast door
Je kijkt terug, is dit het?
Waarom ik, waarom wij, waarom
De eenzaamheid, de aanwezigheid van jou maakt het verschil.
Laat niet alleen de uitdagingen zien, maar ook de mooie momenten.
Wat doet het met jou?
Laat je het binnenkomen of hoort het bij je werk.
Wat geef je aan jezelf?
It’s ok!
Professionele verbondenheid dat is nodig.

Veerkracht – Sabina Krijger

Tegenslagen keer op keer.
De enorme veerkracht verbaast mij steeds weer.
Hoogtepunten en diepe dalen hebben de macht.
Verbondenheid met elkaar en de liefde geven kracht.
Keuzes maken die eigenlijk geen keuze zijn.
Boosheid, frustratie en pijn.
Liefdevolle aandacht wordt gegeven.
In het hier en nu bij leven.

Wanneer een kind langdurig ziek is, is dat ontzettend zwaar voor het hele gezin. Een kind krijgt te maken met allerlei ervaringen, emoties en situaties die we het liefst zo ver mogelijk bij ze vandaan houden. Het is dan ook niet gek dat een kind vroeg of laat de behoefte krijgt om hier met iemand over te praten die wat verder van hem af staat, maar toch dichtbij is.

Rouw- en verliesbegeleiding in de praktijk

Sjoerian Brokelman is moeder van Luco. Haar, inmiddels 13-jarige, zoon heeft het eerste half jaar na zijn geboorte in het ziekenhuis gelegen. Toen hij daarna naar huis mocht, was veel verpleegkundige zorg nodig. Dit is het moment dat Sabina Krijger bij het gezin in beeld kwam. Sjoerian vertelt over de rol die Sabina in het leven van het gezin en Luco is gaan spelen.

In de knoop

‘Sabina werkte destijds nog ‘enkel’ als kinderverpleegkundige, maar ging op een gegeven moment de opleiding voor rouw- en verliesbegeleiding volgen. Toen Luco vervolgens op een leeftijd kwam dat hij dingen kon uitspreken en benoemen, merkten wij dat hij behoorlijk in de knoop zat met bepaalde dingen. We besloten dat het goed zou zijn dat hij hier met iemand over kon sparren en wat is er dan mooier dan dit te doen met iemand die je al jaren kent?’

Snel gefrustreerd

‘Sabina praat met Luco voornamelijk één op één over bepaalde thema’s die op zo’n moment spelen. Een naderende operatie of iets dat op school niet lekker loopt. Op een gegeven moment gaan we dat soort momenten zelf ook herkennen. Hij raakt bijvoorbeeld snel gefrustreerd. Nu geeft hij zelf aan dat hij met Sabina wil praten of wij stellen het voor. Hij is er dan altijd voor in.’

Flink ziek

‘Luco is vanaf zijn geboorte flink ziek geweest, hij heeft op de intensive care gelegen en dat soort ervaringen kunnen behoorlijk traumatisch zijn. Zeker voor een jong kind. Sabina helpt hem hier mee om gaan en helpt hem begrijpen waarom hij soms boos is en dat dit helemaal niet raar is. Het is oké om daarover te praten en daar gevoelens bij te hebben en we merken altijd gelijk dat het beter gaat na een sessie van drie kwartier of een uur.’

Enorme opluchting

‘Dat is voor ons als ouders natuurlijk ook een enorme opluchting. De onderwerpen waar hij over praat zijn vaak erg gevoelig of kwetsbaar. Daarover wil je als kind liever niet praten met je ouders, want als je als kind verdriet of pijn hebt, hebben je ouders dat ook. Sabina is hierin een soort vertaler. Ze maakt na een gesprek en waar hij bij is een vertaalslag, zodat wij ook op de hoogte zijn wat wat er speelt. Dat is echt een hele prettige, mooie manier om te communiceren.’

Deskundige begeleiding

‘Ik vind het heel goed dat Sabina zich inzet voor een betere verbinding tussen de kinderverpleegkunde en sociaalpsychologische begeleiding. De ervaring die Sabina als kinderverpleegkundige heeft, is heel waardevol voor een rouw- en verliestherapeut. Als je dit werk doet vanuit een heel andere hoek dan de verpleegkundigentak, mis je toch een stukje deskundigheid en ervaring die Sabina wel kan bieden.’

Waardevolle aanvulling

‘Voor ons werkt het echt ontzettend goed. Ze komt nu wekelijks bij ons en daardoor is het lijntje gewoon heel kort. De drempel is dan een stuk lager om om hulp te vragen dan wanneer je weer naar een ander, nieuw persoon moet gaan. Het voegt heel erg veel toe. Deze vorm van begeleiding is een waardevolle aanvulling in het (kinder)verpleegkundigenvak.

Veel mensen denken dat palliatieve zorg het stukje zorg is dat mensen ontvangen in de laatste fase van hun leven. Als rouw- en verliesbegeleider en kinderverpleegkundige zie ik dat anders. Naar mijn mening begint de zorg al eerder; namelijk op het moment dat de kinderen te horen hebben gekregen dat zij een levensverkortende ziekte hebben. Zij hebben bijvoorbeeld een spierziekte, een stofwisselingsziekte of kanker.

Nooit volwassen

In dit traject ondergaan kinderen operaties en intensieve behandelingen in het ziekenhuis of thuis. Maar er kunnen juist ook periode zijn dat de ziekte (even) stabiel lijkt te zijn en zich niet verder ontwikkelt. Vaak kunnen zij dan ook ‘gewoon’ naar school en met vriendjes spelen, net zoals hun leeftijdgenootjes. Maar in tegenstelling tot de meeste andere leeftijdsgenootjes, hebben deze kinderen tegelijkertijd het besef dat zijn nooit volwassen zullen worden, en dat de zorg en de behandelingen die ze krijgen er alleen toe dienen om de tijd te rekken. Dat kunnen jaren zijn, maar soms ook maanden of weken. Als kinderverpleegkundige en rouw- en verliesbegeleider is het mijn taak om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van hun leven zo hoog mogelijk blijft, en dat zij de juiste begeleiding krijgen bij het verwerken van hun gevoelens en emoties.

De vragen die bijna niemand stelt

De kinderen die ik palliatieve begeleiding geef, kennen mij soms al vanuit de verpleegkundige zorg. Dat is fijn: voor hen ben ik dan al iemand waarbij ze zich veilig voelen en die zij vertrouwen. Het is dan gemakkelijker om met elkaar te praten. Als ik met hen in gesprek ga stel ik zo simpel mogelijke vragen. Zoals hoe het nu met hen gaat en hoe zij zich voelen. Maar ik stel bijvoorbeeld ook vragen als: ‘Wat vind je er nou van dat je steeds de ene na de andere behandeling moet ondergaan?’ en ‘Ben je bang om dood te gaan?’ Deze vragen zijn weliswaar simpel, maar het zijn dikwijls de vragen die anderen vaak niet aan hun durven stellen. Ook komt het vaak voor dat de antwoorden al voor hen ingevuld worden – dat kan ook heel irritant en lastig voor hen zijn.

De wens om een normaal leven

Vaak ga ik met de kinderen in gesprek wanneer ik de verpleegkundige zorg aan het verlenen ben. Dat voelt voor hen het meest veilig. Ik probeer dan zo dicht mogelijk aan te sluiten bij hun belevingswereld. Dan ben ik bijvoorbeeld bezig met het verwisselen van het infuus, en zijn zij tegelijkertijd rustig een You Tube-filmpje op hun IPad aan het kijken. Dan begin ik bijvoorbeeld over het filmpje, waarna het gesprek langzaam wordt toegespitst op wat zij op dit moment doormaken. Hierbij haak ik ook vaak in op de actualiteit. Wanneer het, zoals nu, mooi zomer weer is, vraag ik bijvoorbeeld: ‘Wat vind je er nou van, dat jij niet zoals alle andere kinderen zomaar naar het zwembad kan?’ Vanuit daar ontstaan er vaak mooie gesprekken. Maar wat altijd duidelijk naar voren komt, is dat de kinderen het liefst een normaal leven willen hebben. Zij willen ook gewoon naar school, en met hun vriendjes spelen. Net zoals alle andere kinderen.

Opluchting

Praten over de dood kan zwaar en confronterend zijn. Maar het zijn vaak de volwassenen die er de zwaarte opleggen. Eigenlijk vertellen kinderen altijd heel eerlijk wat zij ergens van vinden en hoe zij ergens tegenaan kijken. Ik merk dat kinderen vaak opgelucht zijn als ik vraag naar hoe het werkelijk met hen gaat. Soms komen er hele verdrietige dingen uit. Dat een kind heel eerlijk aangeeft dat het geen behandeling meer wil ondergaan, en zegt: ‘Ik wil eigenlijk helemaal niet meer’.

Systemische aanpak: ook met de ouders

Het betrekken van ouders in de begeleiding vind ik belangrijk. Voor hen is het natuurlijk heel confronterend om mee te maken dat het slecht gaat met hun kind, en te moeten beseffen dat zij hun kind nooit zien opgroeien. Daarom organiseer ik de rouw- verliesbegeleiding heel systemisch: de ouders worden ook intensief betrokken. Als een kind bij mij heeft aangegeven dat het niet meer verder wil met behandelingen, bekijk ik samen het hem of haar hoe we dit bespreekbaar kunnen maken met de ouders en mogelijk ook met de behandelend arts. Soms vinden de kinderen dat heel spannend. Ik leg dan uit dat papa en mama het erg belangrijk vinden om te weten hoe het met hun kind gaat. Soms besluiten we dan om met zijn drieen in gesprek te gaan. Zulke gesprekken zijn erg waardevol: ze zorgen ervoor dat alle neuzen dezelfde richting opgaan.

Missie

Mijn werk went nooit: alle ervaringen die ik opdoe in de praktijk, hebben ook impact op mij. In mijn vrije tijd schrijf ik gedichtjes en korte teksten. Dit helpt bij het verwerken van alles wat ik elke dag tegenkom. Het doet me goed dat ik zie dat mijn werk zin heeft, en dat kinderen en hun ouders een stapje verder komen met mijn begeleiding. Ik zie het dan ook als mijn missie om mijn twee werelden dichterbij elkaar te brengen: die van rouw- en verliesbegeleider en die van kinderverpleegkundige. Hier wil ik mij in de toekomst nog veel meer voor in gaan zetten, onder andere door verpleegkundige meer tips en voorlichting te geven hoe zijn kinderen in de palliatieve levensfase extra kunnen ondersteunen.

  • Sabina Krijger

Het boek ‘Achtstegroepers huilen niet’ bleek akelig van toepassing op de situatie van de elfjarige Chantal. Het zou hét jaar worden van de CITO-toets, de eindmusical, allerlei afscheidsfeestjes en het uitkiezen van een middelbare school. Een spannend jaar, dat Chantal intens beleefde met haar klasgenootjes Rachida en Marlous. Totdat Marlous drie maanden vóór het eind van het schooljaar ernstig ziek werd, en binnen korte tijd overleed aan de gevolgen van haar plotselinge ziekte. Chantal pakte haar leven zo goed mogelijk op, en sloeg zich schijnbaar moeiteloos door alle CITO-opgaven en andere uitdagingen heen. Maar net toen ze een half jaar in de brugklas zat, liep ze ineens vast. Toen ze in een weekend met haar ouders in de auto op weg was naar opa en oma, kwam er uit de radio ineens een liedje dat op de afscheidsdienst van Marlous werd gedraaid. En toen kwamen de tranen, die overgingen in voortdurende huilbuien en terugtrekgedrag.

Chaos van emoties

Chantal kwam de eerste keer bij me samen met haar ouders. Hoewel haar ouders graag wilden dat zij ging praten over wat haar zo bezighield, had Chantal daar in de eerste instantie minder behoefte aan. Toch spraken we af om een tijdje met zijn tweeën aan de slag te gaan. Het was mijn doel om meer rust en orde in de chaos van emoties te brengen. Tijdens de sessies merkte ik dat Chantal haar proces van rouw onbewust had uitgesteld. Er kwam immers van alles op haar af in de periode dat haar klasgenootje overleed. In die tijd moest Chantal zich buigen over lastige toetsen en het uitkiezen van een nieuwe school. Daarna moest ze wennen aan de brugklas en alles wat daarbij kwam kijken. Ook bleek dat ze het lastig vond om zichzelf toe te staan om te huilen. Dit was volgens haar iets wat alleen voor jonge kinderen was. Aan het eind van ons laatste gesprek had ze zichtbaar meer rust over zich, en zei ze iets waar ik het roerend mee eens was: ‘Ook als je in groep acht of in de brugklas zit, mag je best huilen.’

Hoe kun je kinderen steunen in het rouwproces?

Voor volwassenen is het praten over de dood erg lastig. Met kinderen hierover spreken is als het even kan nog zwaarder. De jonge kinderen hebben nog geen begrip van de dood. Als ouders is het belangrijk om dan woorden te geven aan de emoties die de kinderen laten zien en waar mogelijk uitleg te geven over wat het de dood en doodgaan betekent. De wat oudere kinderen hebben een beter begrip van de dood. Hun kun je het beste duidelijk uitleggen wat er precies gebeurd is. Om je kind te steunen, is het belangrijkste dat je hem of haar het gevoel geeft dat het niet alleen is. Zorg voor een warme omgeving, waarin je kind over zijn gevoelens mag praten. Je hoeft je kind niet te vragen naar zijn gevoelens, maar geef vooral de ruimte dat ze er mogen zijn en benoem wat je ziet en check of het klopt met wat je kind echt voelt. Wij als ouders vullen dat vaak in. Als ouder mag je overigens ook best laten zien dat je er zelf ook verdriet van hebt.

Vastlopen in het rouwproces

Er staat geen houdbaarheidsdatum op het rouwproces. Zo kan het zijn dat het verdriet de achterblijvers maanden of zelfs jaren later overvalt, en dat er dan ineens tranen komen. Andere kinderen huilen helemaal niet, maar laten op andere manieren merken dat zij hun verdriet aan het verwerken zijn. Voor rouwen bestaat geen juiste manier: elk kind gaat hier anders mee om. Heb je echter het idee dat je kind vastloopt bij het verwerken van zijn gevoelens? Is het bijvoorbeeld een lange tijd veel stiller dan anders en trekt het zich terug? Of gaat het minder op school? Dan kan ik als rouw- en verliesbegeleider je kind een stap in de goede richting helpen.

‘Dat ga ik niet doen hoor’

Op een speelse, liefdevolle en begripvolle manier zoek ik samen met je kind naar de mogelijke oplossingen. Hierbij maak ik gebruik van creatieve middelen zoals fotokaarten en mindmaps. Het praten over beelden biedt een veilig gevoel, waardoor het komen tot de kern en het vinden van een oplossing vaak gemakkelijker is. Via een ‘omweg’ lukt het vaak om de situatie, gevoelens en gedachten met het kind te bespreken. Tieners laten vooral in het begin nog weleens weten dat zij de begeleiding eigenlijk maar ‘onzin’ vinden. ‘Dat ga ik niet doen’ of ‘Stom’, hoor ik dan. Zij zijn dan meegenomen door hun ouders. Ik spreek dan met de kinderen af dat ze in elk geval twee sessies komen. Zo kan er toch worden kennisgemaakt, en kunnen ze na die tijd beslissen of ze ermee door willen of niet. Ik ga heel gelijkwaardig met de kinderen om. Wanneer er een aantal sessies achter de rug zijn, vraag ik wat ze er tot dan toe van vinden en of ze het gevoel hebben dat ze er iets aan hebben. Vaak geven kinderen aan dat zij dankzij de coaching meer rust hebben gevonden. Zelf merk ik dat zij als het ware als een oester zijn opengetrokken, en opener praten over wat er in hen omgaat.

De kracht

Mijn missie als erkend rouw- en verliesbegeleider? Kinderen en gezinnen een stap in de goede richting te helpen, zodat zij op hun eigen manier leren omgaan met hun verlies en verdriet. Uit eigen ervaring weet ik hoe een ingrijpende gebeurtenis je diep van binnen kan raken. Maar ik weet ook dat de kracht om door te gaan, bij welk probleem dan ook, in je zit. Ik heb De Kinderhoeksteen opgezet om kinderen én hun ouders of verzorgers te helpen om deze kracht te benutten, en hen te begeleiden in het proces van rouw en verlies. Daarnaast maak ik op aanvraag zorgknuffels. Deze kunnen een troost bieden en bijdragen aan het vormen van herinneringen.

Begeleiding –